Theorie Examen

Flashcards

Inzicht flashcards

45 kaarten — de vraag op de voorkant, het antwoord en uitleg op de achterkant. Studeer ze hier en oefen ze daarna met herhaling in CBR Theorie-examen.

Studeer deze met herhaling die focust op je zwakke kaarten — gratis te beginnen in de app.

Download on theApp Store

Voorkant

Je nadert een gelijkwaardig kruispunt en rechts van je nadert tegelijk een auto. Wie heeft voorrang?

Achterkant

De auto van rechts — Op een gelijkwaardig kruispunt verleen je voorrang aan bestuurders van rechts (RVV art. 15).

Voorkant

Je wilt linksaf slaan en er nadert een tegenligger die rechtdoor gaat. Wie gaat voor?

Achterkant

De rechtdoorgaande tegenligger — Afslaand verkeer naar links moet tegemoetkomend rechtdoorgaand verkeer voor laten gaan (RVV art. 18).

Voorkant

Je rijdt rechtdoor op een voorrangsweg (gele wybertje) en van rechts wil een auto invoegen. Wie heeft voorrang?

Achterkant

Jij, op de voorrangsweg — Op een voorrangsweg heb jij voorrang; verkeer dat invoegt moet wachten.

Voorkant

Je nadert een rotonde met haaientanden. Een auto rijdt al rond op de rotonde. Wat doe je?

Achterkant

Je verleent voorrang aan het verkeer op de rotonde — Haaientanden bij de oprit betekenen voorrang verlenen aan het verkeer dat al op de rotonde rijdt.

Voorkant

Je rijdt achter een fietser op een smalle weg. Hoeveel zijdelingse afstand houd je bij inhalen?

Achterkant

Minimaal ongeveer 1,5 meter — Houd bij het inhalen van fietsers ruim afstand (richtlijn circa 1,5 meter), zeker bij hogere snelheid.

Voorkant

Je nadert een zebrapad en er staat iemand duidelijk klaar om over te steken. Wat moet je doen?

Achterkant

Stoppen en laten oversteken — Voetgangers op of bij een zebrapad die willen oversteken moet je voor laten gaan (RVV art. 49).

Voorkant

Je staat voor een rood verkeerslicht. Het springt op groen, maar een fietser steekt nog over. Wat doe je?

Achterkant

Wachten tot de fietser veilig over is — Ook bij groen laat je overstekende kwetsbare verkeersdeelnemers eerst veilig passeren.

Voorkant

Je nadert een kruispunt met verkeerslichten die buiten werking zijn (knipperend geel of uit). Wat geldt dan?

Achterkant

De normale voorrangsregels en borden gelden — Werken de lichten niet, dan gelden de aanwezige borden/markeringen en anders de voorrang van rechts.

Voorkant

Je rijdt achter een tram die stilstaat bij een halte zonder verhoogd perron. Wat doe je?

Achterkant

Stoppen en in- en uitstappende passagiers laten gaan — Bij een tram-/bushalte zonder perron stop je voor in- en uitstappende reizigers die de weg oversteken.

Voorkant

Je wilt rechtsaf slaan en naast je rijdt een fietser rechtdoor op het fietspad. Wat doe je?

Achterkant

De rechtdoorgaande fietser voor laten gaan — Bij rechtsaf moet je rechtdoorgaande fietsers en bromfietsers op het fietspad voor laten gaan.

Voorkant

Je rijdt 100 km/u op de snelweg. Hoe schat je een veilige volgafstand in?

Achterkant

Ongeveer 2 seconden, dus ruwweg 56 meter — Bij 100 km/u leg je per seconde ~28 meter af; 2 seconden volgafstand is dus circa 56 meter.

Voorkant

Je nadert een kruispunt waar een verkeersregelaar staat én er staan verkeerslichten op groen. Wie volg je?

Achterkant

De aanwijzingen van de verkeersregelaar — Aanwijzingen van een bevoegde verkeersregelaar gaan boven verkeerslichten, borden en regels (RVV art. 81).

Voorkant

Je nadert een onoverzichtelijke bocht naar rechts op een smalle weg. Wat doe je?

Achterkant

Snelheid minderen en rechts houden — Bij beperkt zicht in een bocht minder je snelheid en houd je rechts, zodat je een tegenligger niet snijdt.

Voorkant

Je rijdt op een weg met een busstrook (doorgetrokken streep, woord BUS). Mag je erop rijden?

Achterkant

Nee, alleen lijnbussen en aangegeven voertuigen — Een busstrook is voorbehouden aan lijnbussen en eventueel op onderborden aangegeven voertuigen.

Voorkant

Wat is de veiligste plek op de weg voor een fietser die jij inhaalt op een 80 km/u-weg met fietsstrook?

Achterkant

Je houdt ruim afstand en wijkt zo nodig naar links uit — Houd bij hogere snelheid extra zijdelingse afstand tot fietsers en wijk uit als dat veilig kan.

Voorkant

Je nadert een kruispunt waar van links een auto nadert op een gelijkwaardige weg. Wie heeft voorrang?

Achterkant

Jij — Op een gelijkwaardig kruispunt heb je voorrang op verkeer van links; jij gaat dus voor.

Voorkant

Je nadert een kruispunt en wilt rechtdoor; je staat op een voorrangsweg maar er staat verderop een agent die jou laat stoppen. Wat doe je?

Achterkant

Stoppen, de agent gaat voor de borden — Aanwijzingen van de politie/verkeersregelaar gaan boven verkeerstekens en voorrangsregels.

Voorkant

Je rijdt op een weg waar plots een file ontstaat en achter je nadert verkeer snel. Wat doe je eerst?

Achterkant

Alarmlichten aan en gedoseerd remmen — Waarschuw achterliggers met je alarmlichten en rem gedoseerd, zodat je geen kop-staartbotsing veroorzaakt.

Voorkant

Je wilt linksaf een zijweg in en er steken voetgangers over die zijweg over. Wat doe je?

Achterkant

De overstekende voetgangers in de zijweg voor laten gaan — Bij afslaan moet je voetgangers die de zijweg oversteken voor laten gaan (RVV art. 18).

Haal je rijbewijs. Begin vandaag.

Gratis te beginnen -- geen account nodig. Eenmalige aankoop voor alles.